Congres LVMP

Onderwerpen en sprekers

De meeste onderwerpen en sprekers zijn inmiddels bekend en hieronder beschreven. De informatie zal voortdurend worden aangevuld totdat we compleet zijn.

Voorafgaand aan het congres ontvang je van ons een mail met een link om je in te schrijven voor de workshops. De workshops worden allemaal 2 of 3 keer gegeven, in wisselende combinaties per ronde. Op deze manier kun je je eigen programma voor wat betreft de workshops, samenstellen.

 

Plenair


Helikopteren in de context van ernstige ziekte

drs. Christien de Jong, psychotherapeut /systeemtherapeut, supervisor en opleider Amsterdams Instituut voor Gezins- en Relatietherapie en in vrijgevestigde praktijk. Hoofdopleider Postmaster Medische Psychologie Rinogroep Utrecht


Patiënten in de somatische gezondheidszorg die geconfronteerd worden met een ernstige ziekte krijgen te kampen met lichamelijke beperkingen, diepe onzekerheid, verlies van sociale en maatschappelijke rollen en angst voor de dood. In de ontregeling die de ziekte veroorzaakt kunnen een angststoornis, een depressie of andere aanpassingsproblemen ontstaan waar de patiënt en zijn naasten, ook bij een gunstig verloop van de ziekte, nog jarenlang de gevolgen van ondervinden. Niet alleen de patiënt raakt uit evenwicht, ook de relatie met zijn naasten en de medische behandelaars kunnen onder druk komen te staan.

In de behandeling en begeleiding van deze uit evenwicht geslagen mensen is het voor de medisch psycholoog van belang een ‘helikopterpositie’ van meervoudige loyaliteit te ontwikkelen met alle betrokkenen in het krachtenveld op wie de ziekte invloed heeft: de patiënt, diens naasten en de betrokken medische professionals.

Vanuit deze positie kan de context van de patiënt goed in kaart worden gebracht. Naast aandacht voor de stressoren van de context is er de laatste jaren steeds meer aandacht voor de veerkracht van mensen. Wat zijn de sterke, adaptieve kanten, die ze in hun leven hebben ontwikkeld om met ingrijpende levensgebeurtenissen om te gaan? Wat houdt hen op de been? Een aantal interventies komt aan bod die de medisch psycholoog kan inzetten om de context te verkennen en het draagvermogen van patiënten en hun naasten te versterken.

Leerdoelen:
- Kennismaking met de helikopterpositie van meervoudige loyaliteit.
- Kennismaking met de horizontale en verticale stressoren en veerkracht van patiënten in de somatische gezondheidszorg.
- Kennismaking met interventies die de veerkracht van patiënten en de relaties in hun systeem (eigen steunsysteem en medisch
  steunsysteem) versterken.

 

Scientist practitioner: hoe integreer je wetenschappelijk onderzoek in de klinische praktijk en vise versa

Chris Verhaak PhD Klinisch psycholoog
Radboudumc, Nijmegen 

Doel van de presentatie is mogelijkheden voor integreren van wetenschappelijk onderzoek in de klinische praktijk te versterken. Hiervoor zullen eerst kader van de wetgeving rond wetenschappelijk onderzoek bij mensen kort worden geschetst. Ook staan we kort stil bij verschillende onderzoeksmethoden, zowel kwantitatief als kwalitatief en verschillende onderzoekstradities. Vervolgens schetsen we kort verschillende fasen van toepassingen van wetenschappelijk onderzoek in de klinische praktijk

De volgende thema’s komen aan bod, steeds met de klinische vraag als uitgangspunt:
- Zoeken van evidence bij de klinische vraag
- Data verzamelen tijdens je klinisch werk
- Informatie verzamelen op groepsniveau
- Van idee voor onderzoek naar onderzoeksopzet

Heb je zelf een concrete vraag, mail die dan uiterlijk 1 week van tevoren naar chris.verhaak@radboudumc.nl , dan nemen we de vraag mee in de presentatie.

Leerdoelen:
- Inzicht in kaders van wet- en regelgeving rond wetenschappelijk onderzoek bij mensen.
- Inzicht in mogelijkheden wetenschappelijk onderzoek toe te passen in eigen klinische praktijk.
- Inzicht in vertalen van klinische vraag naar wetenschappelijke vraagstelling.
- Inzicht in mogelijkheden van samenwerking binnen wetenschappelijk onderzoek.
- Reflectie op mogelijkheden en onmogelijkheden van het scientist practitioner model.

 

EFT en lichamelijke ziekte

drs. Pieter Dingemanse, klinisch psycholoog en P-opleider Altrecht, bestuurslid EFT-Nederland

Het betrekken van de partner in een behandeling is van groot belang om de veerkracht in de relatie zo optimaal mogelijk te maken. Een goede relatie is namelijk een krachtige bron voor het bevorderen van herstel en omgaan met trauma en ziekte. De relatie komt door ziekte of trauma onder druk te staan. Als de verbinding tussen hen minder wordt levert dat nog meer angst en stress op. In EFT staat de verbinding tussen partners centraal. We beogen de kwetsbaarheid en de behoeften van beide partners te verhelderen en te leren dat naar elkaar uit te spreken. De responsiviteit naar elkaar vergroten versterkt de verbinding en het vertrouwen dat ze er niet alleen voor staan. Samen onder ogen zien wat er is, kan pas als beide partners zich gehoord en gezien voelen.

Deze lezing bespreekt het EFT model en de toepassing hiervan op stellen met lichamelijke ziekte. Aan de hand van videofragmenten bespreken we hoe EFT de stress in de relatie kan verminderen, de veerkracht kan vergroten om stress die het ‘ziek zijn’ meebrengt makkelijker te dragen.

 

Er komt een gezin bij de dokter

prof.dr. Martha Grootenhuis, hoofd afdeling Psycho-Oncologie en groepsleider onderzoek 
Prinses Maxima Centrum voor Kinderoncologie


Als een kind met kanker wordt gediagnosticeerd heeft dit gevolgen voor het hele gezin. Tijdens de lezing zullen een aantal belangrijke fundamentele principes rondom psychosociale kinderoncologie worden gedeeld. Centraal zal hierin medisch traumatische stress staan, risico factoren voor het hele gezin als voorspellers voor functioneren op de langere termijn, fases van behandeling en de stressoren die hierbij een rol spelen, stress tussen familieleden en interventies die worden aangeboden om stress in gezinnen te verminderen (zowel in het gebouw, als vanuit psychologie (o.a. online inteventies) als in de spreekkamer (PROMS in het consulten mbt KLIK ).

Leerdoelen:
- Bekend raken met medisch traumatische stress in de kinderoncologische setting.
- Kennis over risicofactoren voor psychosociale problemen.
- Toepassen van interventies ter vermindering van stress.

 

Platform Gezondheids- en Medische Psychologie (PGMP): Updates en toekomstige ontwikkelingen

Andrea Evers, Ellen Smets, Chris Verhaak en Joost Derwig


De PGMP is bezig de positie van de Gezondheids- en Medische Psychologie in het land in kaart te brengen op het gebied van:

  • Onderzoek: Welke hoogleraren zijn er, welke zijn recent benoemd?
  • Onderwijs en opleiding: Wat is de aandacht voor de gezondheids- en medische psychologie in pre- en postdoctoraal onderwijs?
  • Zorg: In welke richtlijnen komt de medische psychologie terug?


We presenteren tussentijdse bevindingen en gaan er graag met jullie over in gesprek.

 

 

Workshops

 

Chronische ziekte in de partnerrelatie

drs. Christien de Jong, psychotherapeut /systeemtherapeut, supervisor en opleider Amsterdams Instituut voor Gezins- en Relatietherapie en in vrijgevestigde praktijk. Hoofdopleider Postmaster Medische Psychologie Rinogroep Utrecht


Een chronische lichamelijke ziekte kan een partnerrelatie behoorlijk lam leggen. Met de toegenomen behandelmogelijkheden van de laatste decennia leven mensen langer. Maar het blijkt voor partners een hele klus om een nieuw evenwicht te vinden in het leven met de beperkingen, die door de ziekte worden veroorzaakt. In de workshop bespreken we aan de hand van een casus deze dynamiek.

We exploreren hoe we de veerkracht van het paar kunnen versterken in het krachtenveld dat de ziekte heeft veroorzaakt. Ook de relatie met het medisch behandelteam komt aan bod. Vanuit de helikopterpositie van meervoudige loyaliteit oefenen we aan de hand van de casus interventies die helpen het evenwicht tussen de partners te herstellen.

Leerdoelen:
- Kennis over de specifieke draaglast van ernstige ziekte voor de partnerrelatie.
- Oefening van interventies, gericht op herstel van verbondenheid en gelijkwaardigheid vanuit de helikopterpositie van
  meervoudige loyaliteit met beide partners.

 

Infant Mental Health in het ziekenhuis

dr. Bregje Houtzager, klinisch psycholoog
Deventer Ziekenhuis

dr. Anneke Smeets-Schouten, klinisch neuropsycholoog, kinder- en jeugdpsycholoog NIP & psychodynamisch kindertherapeut
Medisch Spectrum Twente, Enschede


De Infant Mental Health-visie gaat uit van een samenspel van genetische, somatische, relationele en sociale factoren, gedrag, emotie en beleving. Het diagnosticeren, begrijpen en behandelen van problematiek van jonge kinderen vinden plaats vanuit het perspectief dat ouder en kind onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn. Het gaat om het zich ontwikkelende kind in relatie tot zorgfiguren, waarbij we primair denken aan ouders. Het gaat niet om ouders óf kind, maar om de relatie tussen hen. Soms helpen ze elkaar groeien, soms remmen ze elkaar af.

In het ziekenhuis komen we gezinnen tegen waarin deze relatie om allerlei redenen onder druk staat. Denk aan de impact van langdurige stress gedurende de zwangerschap, een traumatische bevalling, (dreigende) vroeggeboorte, ernstige (chronische) ziekte of aangeboren aandoeningen, regulatie problematiek zoals overmatig huilen, slaap- en eetproblemen en eigen ‘rugzakken’ van ouders die gevuld zijn met kwetsende ervaringen.

Wanneer er sprake is van somatisch lijden, is de druk op de zorgprofessional hoog. Er is sprake van urgentie en er is een grote behoefte aan praktische eenduidige oplossingen, zeker waar het een jong of nog ongeboren kind betreft. Vaak werken deze oplossingen goed. Maar soms lijkt het alsof ouders en zorgprofessional elkaar niet begrijpen en oplossingen niet willen werken. In dergelijke gevallen kan over en weer een gevoel van machteloosheid ontstaan. Als medisch psychologen hebben we dan de taak om ruimte te maken voor reflectie. De problematiek bekijken vanuit de Infant Mental Health-visie kan helpen in het begrijpen en het vinden van een behandel-ingang. Samen met je behandelteam de complexe samenhang tussen ouder, kind, ouder/kind relatie en de context erom heen begrijpen en werkelijk luisteren naar wat er achter het probleem zit kan ervoor zorgen dat de juiste zorg wordt ingezet en de machteloosheid een weg kan vinden in samen optrekken.

In deze workshop worden eerst enkele kernconcepten uit de IMH-visie besproken. Vervolgens passen we deze toe in casuïstiek en bespreken we hoe je als medisch psycholoog kan werken aan implementatie van deze visie binnen jouw ziekenhuis.

Leerdoelen:
- Herkenning van kernconcepten uit de IMH-visie in casuïstiek binnen het ziekenhuis.
- Wat is er nodig voor implementatie van deze visie binnen de ziekenhuiszorg?
- Inzicht in de rol van de medisch psycholoog in dezen


Kanker in het gezin

Josien Groot,  GZ-psycholoog
OLVG, Amsterdam


Als een ouder met een jong gezin hoort dat hij/zij kanker heeft en soms daarbij het bericht krijgt dat het om een ongeneeslijke vorm gaat heeft dat grote invloed op het hele gezin. De posities van ieder van de gezinsleden verandert ingrijpend en dat heeft consequenties voor de dynamiek binnen het gezin en mogelijk op de ontwikkeling van kinderen.

Toch wordt er in de Nederlandse ziekenhuizen vooral aandacht besteed aan de patiënt zelf en is bij behandelende artsen en hun team zelden bekend of deze patiënt een partner en kinderen heeft en is er meestal geen zicht op hun welzijn.

Pas als er een structuur binnen de ziekenhuiszorg ontstaat waarin deze gezinnen gevonden worden en actief benaderd over het welzijn van alle familieleden, wordt duidelijk hoe groot het effect kan zijn van het hebben van een ernstig zieke partner en ouder, vaak over een hele lange periode tot aan het mogelijk overlijden.

Deze workshop is een pleidooi voor betere, gestructureerde zorg in de ziekenhuizen voor patiënten met thuiswonende kinderen!

Leerdoel:
- Bewustzijn en draagvlak creëren voor het belang van goede zorg voor het gezin van kankerpatiënten met thuiswonende
  kinderen binnen de ziekenhuizen.

 

Hoe nieuwsgierig ben jij?

Ietske Siemann, GZ-psycholoog
Radboudumc, Nijmegen

Ellen Bazelmans, klinisch psycholoog
Radboudumc, Nijmegen


In deze sessie geven we inhoud aan het begrip ‘context’. We starten vanuit het concept nieuwsgierigheid en bespreken met elkaar wat we onder context verstaan. Er zijn verschillende oefeningen en vormen waarin we enerzijds informatie geven, anderzijds informatie ophalen: wat doe je nu al? We bespreken met elkaar hoe dit gedachtegoed van de context over te brengen op de arts of collega’s.

Leerdoelen:
- Bewustwording van wat je onder context verstaat.
- Bewustwording van communicatieve vaardigheden die helpen zicht op de context van de patiënt te krijgen.
- Toepassen van communicatieve vaardigheden die helpen zicht op de context van de patiënt te krijgen.
- Genereren van ideeën over hoe artsen steeds context bewuster te maken.
- Introduceren van de stages of change en motiverende gespreksvoering: hoe pas je dit toe in de interactie?

 

Psychologen in het ziekenhuis doen het…!

praten over seksualiteit met somatisch zieke patiënten.

drs. Bianca van Moorst, klinisch psycholoog-psychotherapeut, seksuoloog NVVS
OLVG, Amsterdam

drs. Ineke Abdoelaziz-Hoogeveen,
GZ-psycholoog, seksuoloog NVVS
OLVG, Amsterdam


Ziekte kan een leven veranderen, ook op seksueel gebied. Sommigen ziekten kunnen een direct effect hebben, bijvoorbeeld bij aandoeningen aan het zenuw-, vaat-, of hormoonstelsel. De invloed kan ook indirect zijn: het seksuele leven verandert door de symptomen van de ziekte, bijvoorbeeld door pijn, vermoeidheid, veranderd lichaamsbeeld, stemming en angst. Bovendien kan ziekte zorgen voor (seksuele) veranderingen in de relatie.

Kinderen met een chronische ziekte hebben soms een andere (verstoorde) seksuele ontwikkeling doorgemaakt dan hun gezonde leeftijdsgenoten. Door al het ‘gedokter’ aan hun lijf kan het zijn dat zij onbewust lichamelijke gevoelens hebben uitgeschakeld, of dat het lastiger is om hun eigen grenzen te kennen.

Seksualiteit is voor veel mensen een moeilijk te bespreken onderwerp. Dit geldt zowel voor patiënten als voor therapeuten. De praktijk leert dat het onderwerp vaak niet ter sprake komt als de therapeut het niet benoemt. Drempels om seksualiteit aan te snijden kunnen divers zijn; niet goed weten hoe het te benoemen, denken dat de cliënt het ongemakkelijk zal vinden, onzeker zijn over hoe vervolgens verder te (be)handelen. Om het onderwerp seksualiteit te bespreken hoeft men geen geregistreerde seksuoloog te zijn. Vaak kan met een aantal interventies al veel bereikt worden.

Leerdoelen:
Aan het eind van deze workshop is de medisch psycholoog:
• Zich bewust van het feit dat elke somatische ziekte potentieel consequenties heeft voor seksueel functioneren en/of
  seksualiteitsbeleving en dat dat voor patiënten vaak (verborgen) hulpvragen oplevert.
• Zich bewust van de moeilijkheden (inclusief veroorzakende en in standhoudende factoren) voor patiënten en professionals
  als het gaat om spreken over seksualiteit.
• Zich bewust van de invloed van eigen normen en waarden, gevoelens, remmingen en grenzen bij het spreken over
  seksualiteit.
• Bekend met het biopsychosociale model van seksualiteit.
• Bekend met de meest voorkomende seksuele problemen en disfuncties.
• Bekend met de gevolgen voor seksualiteit van somatische ziekte en de seksuele bijwerkingen van medicatie.
• Bekend met het plissit model, en de seksuele anamnese.

 

EFT in de praktijk, praktische handvatten

drs. Pieter Dingemanse, klinisch psycholoog en P-opleider Altrecht, bestuurslid EFT-Nederland

In deze workshop stel ik de EFT centraal als methodiek om echtparen te helpen om er voor elkaar te zijn in tijden van nood.

Met deze workshop leer je hoe je een negatief interactiepatroon tussen partners kunt uitvragen en daarmee ruzies verminderen. Je leert hoe je verbinding tussen partners kunt bevorderen en hoe je de lichamelijke ziekte een plek kunt geven in het patroon, zodat de stress van de ziekte niet uit elkaar drijft, maar leidt tot verbinding. Zodat de veerkracht in de relatie optimaal benut wordt om elkaar te steunen in tijden van nood.

Leerdoelen
- Negatief (interactie)patroon leren uitvragen.
- Gesprekstechnieken over ‘hoe maak je verbinding’ leren.
- Hoe geef je de ziekte een plek in het patroon.

 

The Controlling Twenties

Psychische stoornissen tijdens zwangerschap en gedurende fertiliteitstrajecten

drs. Merith Cohen de Lara, GZ-psycholoog
eigenaar van Psyche en Zwangerschap B.V


Gender reveal feesten, babyshowers, een babymoon en baargoud. Sinds de start van dit millennium is de kijk van de maatschappij op zwangerschap en de geboorte van een kind veranderd van een gebeurtenis die bij het leven hoort naar een evenement waar de commercie heel veel geld aan verdient. Tegelijkertijd krijgt 1 op de 8 vrouwen een postnatale depressie, ervaart 9 % van de vrouwen de bevalling als traumatisch en is er een toename van de Gegeneraliseerde Angststoornis bij vrouwen tijdens de zwangerschap en daarna. Opvallend hierin is dat de groep hoogopgeleide vrouwen met een blanco psychiatrische kwetsbaar lijkt te zijn voor het ontwikkelen van een psychiatrische stoornis pre- en postpartum.

In deze workshop zal een model worden gepresenteerd die de oorzaak van het ontstaan van bovengenoemde stoornissen bij een deel van deze vrouwen kan verklaren. De invloed van de maatschappij, de invloed van de medische ontwikkelingen op het gebied van zwangerschap en fertiliteitstrajecten en de coping mechanismen van de vrouw zullen hierin worden besproken en meegenomen.

Tenslotte zullen er handvatten mee worden gegeven in de behandeling voor deze groep vrouwen.

Leerdoelen:
-Kennis van psychische stoornissen bij zwangere-, pas bevallen en vrouwen in fertiliteitstrajecten.
-Kennis van de invloed van de huidige maatschappij, overtuigingen van vrouwen en copingmechanismen op zwangerschap,
  bevalling en fertiliteitstraject aan de hand van een model.
-Kennis van interventies en behandelmogelijkheden bij deze doelgroep.

 

Zorg dat het netwerkt!

drs. Harry Horsman, klinisch psycholoog
RadboudUMC

drs. Aukje Aerts, Psychotherapeut
RadboudUMC


De toekomst van de gehele gezondheidszorg staat onder druk. De stijgende zorgkosten, personeelsschaarste, de vergrijzing, de toenemende zorgvraag en de afschaling van ziekenhuiszorg gaat leiden tot een andere organisatie van onze gezondheidszorg. Wat betekent dit voor de medische psychologie? Welke veranderingen gaan er komen en hoe kunnen we daar op inspelen. Risico’s? Jazeker! Kansen? Des te meer! In deze interactieve workshop gaan we de toekomst verkennen, bruggen bouwen en netwerken. Dus out of the box, over ongebaande paden ver van de comfortzone!

Leerdoelen:
Aan het einde van de workshop weten de deelnemers welke trends er zijn binnen de zorg, welke veranderingen komen op ons af en welke risico’s en kansen dit met zich meebrengt voor de medische psychologie. Ze gaan aan het werk om te onderzoeken welke rol ze zelf in hun werk en omgeving kunnen pakken, waarbij netwerkzorg aan bod zal komen.

 

Psychosociale innovaties bij dementie

dr. Lizzy Boots, psycholoog-onderzoeker en coördinator psychosociaal onderzoek
Alzheimer Centrum Limburg | MUMC+

In deze sessie/workshop zal worden belicht hoe er vanuit het perspectief van sociale gezondheid interventies binnen de zorg en de gemeenschap kunnen worden ingezet gericht op het vergroten van de kwaliteit van leven van mensen met dementie en mantelzorgers. In deze sessie wordt besproken hoe professionals mensen eerder kunnen bereiken en zich kunnen richten op mogelijkheden en kwaliteiten ondanks de uitdagingen die dementie met zich meebrengen.

Leerdoelen:
- Kennis nemen van de mogelijkheden en state-of-the-art onderzoek op het gebied van psychosociale ondersteuning van mensen met dementie en hun naasten.
- Kennis nemen van eHealth ondersteuningsmogelijkheden/zorg op afstand met het oog op COVID-19 en de toekomstige dubbele vergrijzing.

 

Levensloop bij Diabetes

prof.dr. Frank Snoek, emeritus hoogleraar medische psychologie
Amsterdam UMC

dr. Maartje de Wit, senior researcher
Amsterdam UMC

In deze sessie zullen we ons richten op diabetes type 1 en type 2 over de verschillende levensfases. Na kort stil te staan bij de epidemiologie, fysiologie, behandeling en complicaties, gaan we samen dieper in op de complexe interactie tussen diabetes (zelf)zorg, psychische factoren en gezondheidsuitkomsten. Aan de hand van het sociaal-ecologisch model bekijken we per levensfase de wederkerigheid van de impact diabetes op de ontwikkeling en mentale / gedragsproblemen op diabetes zelfzorg in de bredere context.

Aan de hand van casuïstiek bespreken we de specifieke problematiek op cognitief, affecties en gedragsniveau en de mogelijke klinische implicaties in termen van levensfase specifieke diagnostiek en interventies.

Leerdoelen:
- Begrip van diabetes type 1 en type 2 vanuit medische en psychologisch perspectief.
- Inzicht in de complexe interactie van diabetes (zelfzorg), de psychologische factoren en gezondheidsuitkomsten over de verschillende levensfasen.
- Inzicht in de klinische implicaties in termen van levensfase-specifieke diagnostiek en interventies.

 

SOLK in het ziekenhuis: De context verhelderen!

drs. Agnes Dommerholt, klinisch psycholoog / psychotherapeut
OLVG, Amsterdam

dr. Malika Chegary, Kinderarts
OLVG, Amsterdam


In het OLVG is er een speciale polikliniek voor jongeren met somatisch onvoldoende verklaarde lichamelijke klachten, de KIOSK polikliniek. Hier wordt de jongere, met zijn ouders, gezien in een gezamenlijk spreekuur van kinderarts en kinderpsycholoog.

In deze workshop willen we jullie graag een inkijkje geven hoe we deze polikliniek hebben neergezet en de belangrijke rol die de context hierbij speelt.

Bij de KIOSK polikliniek staat het verhelderen van de context en de betekenis van de lichamelijke klachten voorop. Denk hierbij aan culturele achtergrond, religie, ziektes in de familie en in stand houdende factoren/reacties. Er wordt als theoretische achtergrond gebruik gemaakt van het biopsychosociale en het gevolgenmodel. Uiteindelijke doel is om te komen tot een gezamenlijk verklaringsmodel dat afgestemd is op en aansluit bij de jongere en zijn of haar context. Dit verklaringsmodel is de basis voor het behandelplan waarbij gestreefd wordt het in stand houdend patroon te doorbreken om zo te komen tot omstandigheden die het herstel optimaliseren.

 

Mind your words: Het effect van communicatie!

Placebo- en nocebo-effecten in zorgverlener-patiënt communicatie

Janine Westendorp MSc, psycholoog bij het Helen Dowling Instituut en onderzoeker bij de Universiteit Leiden
Liesbeth van Vliet, postdoctoraal onderzoeker en universitair docent bij de Universiteit Leiden

Placebo- en nocebo-effecten zijn de positieve en negatieve veranderingen in patiëntuitkomsten die niet toe te schrijven zijn aan de toegepaste behandeling. Maar hoe ontstaan deze effecten?

Uit onderzoek blijkt dat de verwachtingen over een behandeling en de therapeutische relatie een belangrijke rol spelen bij het ontstaan van placebo- en nocebo-effecten bij patiënten, en dat de impact groot kan zijn op de effectiviteit van een behandeling.

Het is daarom van belang om als zorgverlener in de klinische praktijk te weten hoe je er voor kunt zorgen dat je hier maximaal gebruik van kunt maken. Dus: hoe maximaliseer je placebo-effecten en hoe minimaliseer je nocebo-effecten?

Momenteel ontwikkelen wij met onze onderzoeksgroep van de Universiteit Leiden een digitale communicatietraining, waarin we gebruik maken van Virtual Reality, die zorgverleners zal leren hoe ze dit het beste kunnen doen.

In deze workshop vertellen we meer over onze training en over placebo- en nocebo-effecten in de praktijk, maken we jullie graag bewust van het belang van deze kennis en leren we jullie de vaardigheden om hier optimaal gebruik van te kunnen maken.

Leerdoelen:
- Kennis over en bewustwording van placebo- en nocebo-effecten in de praktijk
- Bewustwording van het belang van verwachtingen van patiënten
- Bewustwording van het belang van de therapeutische relatie
- Kennis van vaardigheden om placebo-effecten te kunnen maximaliseren
- Kennis van vaardigheden om nocebo-effecten te kunnen minimaliseren

 

Covid-19 in de context

dr. Jan Vercoulen, klinisch psycholoog
drs. Elke Pothof, klinisch psycholoog
Afd. Medische Psychologie, Radboudumc

27 februari 2020 wordt in Nederland de eerste covid-19 patiënt geïdentificeerd. Begin mei start op het Radboudumc, locatie Dekkerswald, de multidisciplinaire covid-19 nazorg poli. Aanvankelijk was deze nazorg poli bedoeld voor patiënten die opgenomen waren geweest in het Radboudumc (zowel met als zonder IC-opname). Na enkele maanden begonnen huisartsen uit de brede regio patiënten aan te melden die niet herstelden en klachten bleven houden (long-covid). Uiteindelijk ontvingen we nog uitsluitend long-covid patiënten. Juli 2022 werd de nazorgpoli overgedragen naar de eerste lijn.
Naast uitgebreide fysiologische metingen, vonden er gedetailleerde metingen plaats van de integrale gezondheidstoestand (klachten, beperkingen, kwaliteit van leven), het psychologisch welbevinden, impact van de ervaringen tijdens en na de acute infectie en van het cognitief functioneren. Een week later volgden gesprekken met diverse disciplines. Het resultaat was een integrale multidisciplinaire analyse en een behandadvies.

In deze workshop worden organisatie en werkwijze van de covid-19 nazorg poli beschreven en de resultaten van de bovenbeschreven metingen op enkele maanden na de infectie en na één jaar. Deze data worden geïllustreerd met casus materiaal.
Veel is nog onbekend over de oorzaken van long-covid. Vanuit klinische ervaringen tot dusver is wel duidelijk geworden dat psychologische en gedragsfactoren een rol spelen bij het ontstaan en instandhouden van long-covid. De deelnemers aan de workshop worden uitgenodigd mee te denken over de rol van deze psychologische en gedragsfactoren en over welke psychologische interventies effectief kunnen zijn.